jump to navigation

Reisverslagje India augustus 31, 2009

Posted by Marij Sloothaak in Uncategorized.
Tags: ,
add a comment

Met je blote voeten op het marmer van de Taj Mahal...

Met je blote voeten op het marmer van de Taj Mahal...

Daar mijn fototoestel nog steeds niet is gemaakt, geen nieuwe foto’s. En dus lekker ook geen nieuw blog. Komt goed uit, want ik ben een beetje lui dezer dagen. Gelukkig heb ik een archief van: ‘Heb ik jou daar.’ Dus maar weer een reisverslag uit India opgeduikeld.

17 Augustus 2007
Het is vandaag maandag, we zijn nu 4 dagen in India; het lijkt een maand. Zoals Joris al zei, die hier inmiddels alweer 3 1/2 week rondtrekt: ” Je maakt hier méér mee in één dag, dan in een week in Amsterdam.” Hij heeft gelijk. Het is soms alsof je in een toneelstuk meespeelt. Met vaak fantastische scene’s, van ongekende pracht, zoals vanochtend in Pushkar; opeens speelden we mee in een religieus Indiaas feest, werden we ‘gedoopt’ met bloemen en pigmentpoeders in een Heilig Meer, prevelden we Indiase religieuze woorden, en kregen we een stip op ons voorhoofd. Zo’n intense ervaring, door de geuren, de kleuren en de aanwezigheid van die mensen en dat land India, dat de tranen als vanzelf over mijn wangen biggelden.

Even later ben je hoofdpersoon in je eigen nachtmerrie. Zoals de eerste dag in Delhi. Komende in het donker uit een restaurantje, werden we opgewacht door een ernstig mismaakte bedelaar zonder benen in een soort krukkenstellage. Natuurlijk bedelde hij. En natuurlijk wilden wij iets geven. Maar de ellende is, dat je hier bij de pinautomaten coupures van 1000 roepies, (18 euro) of als je geluk hebt, 500 roepies krijgt. En het normale bedrag dat je aan een bedelaar geeft, is 10 of 20 roepies.

En je moet het niet wagen om in je onschuld te veel te geven, want dan staat het halve dorp om je heen. En ze laten niet meer los. Wat een pijn dat doet! Enfin, die bedelaar negeerden wij, althans dat probeerden we. Hoorden we in het donker het geluid van zijn krukken wanhopig achter ons aankomen! Klong, kloing, kloing… Pure horror.

Daarnaast is er zoveel prachtigs. De vrouwen, het straatbeeld, de prachtige kledij. De geuren. Het heerlijke eten! Het is hier een paradijs voor vegetariërs. We hebben besloten, ook vanwege het infectiegevaar, vegetarisch te eten, en het is heerlijk! En dan die vruchten; we drinken Lassi’s – gepureerde vruchten met yoghurt- en Chai, een soort thee met melk dat de hele dag staat te koken, en verse limoensap met sodawater. Geen alcohol. Wat zullen we gezond worden!

De eerste dag was echt een cultuurschok. Met een taxi in de nacht door het drukke verkeer -Joris haalde Rosa en mij op van het vliegveld in Delhi- door een heksenketel van verkeer.

Toeteren betekent hier: ik ga inhalen; een achteruitkijkspiegeltje of knipperlicht gebruiken ze niet. Gevolg: een hel aan geluiden.
Dan naar ons hotel in de main-bazar. Midden in het centrum van Delhi. Ik vraag, nog naief: “Joris, liggen daar nou echt mensen te slapen op die marktkramen?” “Ja, mam.”

Slapen in een eenvoudige aircokamer en dan de volgende dag uit het raam kijken naar een film. Vrouwen in kleurige sarongs, stalletjes met fruit. Heilige koeien in de stront. Straathonden en kinderen daar doorheen. De kastenloze die de lift staat te vegen. Middeleeuwse taferelen.

En dan even later: laveren door het verkeer. Een kruispunt met van alle kanten luid toeterend verkeer; auto’s, scooters -met vaak drie mannen of een heel gezin erop- fietsriksja’s en moterriksja’s.

Dat deden we zo: je kiest een Indier uit, blijft daaraan plakken als een schaduw, doet een schietgebedje, en je waagt de oversteek. Het is echt: is god met ons? Even in je arm knijpen daarna: Ja, we leven nog!

De volgende dag was de dag van de Taj. We hebben op aanraden van Joris een auto met chauffeur gehuurd voor 8 dagen. Voelt ontzettend decadent, zelfs als ik het nu zo opschrijf, maar we hebben dit geboekt voor een bedrag waar je in Nederland niet eens een kleine huurJapanner voor 3 dagen meekrijgt. En het is ontwikkelingshulp, zeg maar. Euh… En volgens Joris zijn de treinstations hier vreselijk, vol met bedelaars, en treinen die niet rijden. En we zijn hier maar tien dagen!

Na een rit van vijf uur in Agra. Om 6 uur des ochtends op. De eerste blik op de Taj Mahal.
Er gebeurt iets met je, als je het ziet. Onbeschrijflijk. De opkomende zon. Met je blote voeten op het marmer. De zindering… the love story. Kleine lichtgevende bloemetjes in het marmer, belicht door een gids.
Ik wil terug naar de Taj Mahal!

Daarna, alsof het niet opkon, een bezoek aan het FATEHPUR-SIKRI paleis. Hier hadden we ook nog eens voor de eerste keer de sensatie dat men met ons op de foto wilde. En vooral natuurlijk met name met Rosa. De welgestelde Indiers. Hordes jongens, maar ook hele families zetten ons op de foto. En we worden gevolgd alsof we popsterren zijn. De volgende keer vragen we 10 roepies voor een foto. 🙂

Enfin, vandaag dus Pushkar, morgen Udaipur.
Terwijl ik dit schrijf kijk ik uit op een stalletje met mango’s en bananen, er ligt een dikke koe voor. Daarnaast een winkel met kleurige sarongs. We gaan Rosa ophalen uit het hotel waar ze ligt te lezen.

India. There is nothing like it…

Marij

Advertenties